De blog van het marketing agentschap IntoTheMinds
Marktonderzoek en ondernemers coaching

Internet der dingen, een moderne vorm van opsluiting?

Share This Post On

In zijn boek “Discipline, toezicht en straf” bestudeert en analyseert Michel Foucault de evolutie van het rechtssysteem, van datgene dat tot de 18de eeuw het lichaam van de veroordeelde straft (doodstraf, verminking, marteling) tot datgene dat het individu straft door zijn vrijheid te beperken. Wat Foucault echter niet in aanmerking kon nemen (het boek werd in 1975 gepubliceerd) is de evolutie naar controle op afstand en in het bijzonder de opkomst van elektronische banden. Door de overbevolking van gevangenissen zijn zij een middel ter vervanging van gevangenisstraffen voor de minst gevaarlijke misdadigers. Met de aankondiging van de Chinese regering van een massaal bewakingssysteem en de populariteit van verbonden objecten (vooral “gezondheids”-objecten), vond ik het interessant zou zijn om de situatie daarover opnieuw te analyseren.

De evolutie van het rechtssysteem

Michel Foucault begint zijn boek met een verhaal over een doodvonnis uit de 18e eeuw, toen misdadigers werden gemarteld om hen te laten bekennen, vervolgens verminkt en uiteindelijk gedood als boetedoening. De executies in die tijd waren publieke executies om het gezag van de heerser te tonen. De doodstraf verschuift geleidelijk van een openbaar spektakel naar een veroordeling buiten de gevangenismuren. De macht hoefde de “publiciteit” van het vonnis niet langer meer te doen gelden, aangezien de mensen in angst voor de straf konden leven zonder ze te moeten aanschouwen.

De afschaffing van de doodstraf is een keerpunt. Het was niet langer nodig om het lichaam van de misdadiger te verwonden of te doden. Het gevangen houden van het lichaam werd voldoende lijden.

De laatste evolutie van het strafstelsel was “buiten de muren” van de gevangenis te gaan, om het lichaam van de gevangene in een ruimte te houden die niet langer door de macht zelf was gebouwd.

Verminderen van de bewegingsruimte

Het perspectief van Michel Foucault op de evolutie van de bestraffing gaat gepaard met een parallelle evolutie van de bewegingsruimte. Vanuit een vastgebonden lichaam strekt de dwangzone zich uit naar de gevangeniscel. De bewegingsvrijheid binnen de gevangenis neemt toe en breidt zich vervolgens uit tot voorbij de muren van de gevangenis.

Vandaag de dag heeft de vrijheidsbeperking de vorm aangenomen van elektronische enkelbanden die de veroordeelden 24 uur per dag, 7 dagen per week, controleren en de autoriteiten onmiddellijk waarschuwen als ze zich buiten hun toegestane gebied verplaatsen.

Het gebied van de toegelaten fysieke beweging is daardoor in de loop der tijd toegenomen: van geen beweging (dood) tot een steeds groter bewegingsgebied binnen de gevangenis, en ten slotte opsluiting thuis.

Het internet der dingen, een moderne vorm van opsluiting?

In bovenstaand voorbeeld wordt een elektronisch bewakingsapparaat gebruikt om de rechterlijke macht over een persoon uit te oefenen. Dat laatste heeft tot gevolg dat de fysieke bewegingsruimte wordt beperkt tot een bepaald gebied. Er kan een opvallende parallel met ons dagelijks leven worden getrokken.

Wij accepteren het dragen van apparaten die onze bewegingen registreren, signalen sturen en de ontwerpers van deze objecten waarschuwen. Hoewel deze objecten onze fysieke bewegingen niet beperken, kan onze ruimte van digitale beweging wel eens belemmerd worden.

De gevangenis van Kilmainham in Dublin met het Panopticum-model dat Michel Foucault na aan het hart ligt

Hoe belemmert het internet van de dingen ons digitale leven?

Ik ben van mening dat de meeste “draagbare” verbonden objecten een latente bedreiging vormen voor de privacy en zelfs, als je de redenering tot het uiterste duwt, een belemmering kunnen vormen voor ons digitale leven. Ik heb het hier niet over vrijheid van fysieke expressie, maar over vrijheid van digitale expressie.

Gegevens die van aangesloten objecten worden verkregen, kunnen heel goed leiden tot een vermindering van deze digitale vrijheid, omdat filterbubbels het gevolg kunnen zijn van het gebruik van aanbevelingsalgoritmen (Frans). De huid van ons lichaam is de laatste grens die het verzamelen van ultra-persoonlijke gegevens belemmert. Hoe meer we toestaan dat dergelijke gegevens worden verzameld, hoe meer we onze privacy blootstellen en anderen de kans geven om ons digitaal te binden.

Deze nieuwe soorten gegevens kunnen dan worden misbruikt in strijd met onze legitieme belangen (zie bijvoorbeeld de studie van aangepaste verzekeringspolissen).

Is het dan niet paradoxaal dat veel mensen vrijwillig apparaten dragen die uiterst invasieve gegevens verzamelen, terwijl een soortgelijk instrument in de juridische context een dwangmatige controle mogelijk maakt die de grote meerderheid liever zou vermijden?

Het is een vreemde wereld waarin, zoals zo vaak uit onwetendheid, keuzes worden gesteld  die slechts een klein aantal elites ten goede komen.

Foto 1: Foto: Flickr/Thierry Ehrmann

 

Tags: ,

Author: Pierre-Nicolas Schwab

Pierre-Nicolas is de directeur van de marketing agentschap IntoTheMinds. Hij heeft speciaal interesse voor e-commerce, retail, HoReCa en supply-chain projecten. Hij is ook een onderzoeker aan de Vrije Universiteit Brussel en werkt ook als coach voor meerde publieke organisaties. Hij verwelkomt Linkedin uitnodigingen : gelieve gewoon een paar woorden toe te voegen en uit te leggen waarom U wilt connecteren.

Share This Post On

Submit a Comment

Your email address will not be published. Required fields are marked *